Interview met mr. Claudia Batstra
Tijdens een stroomuitval die Amsterdam voor eventjes in het donker zette, ging de redactie van het ABB om de tafel zitten met Claudia Batstra, advocaat-stagiaire-ondernemer bij Van Kempen c.s. Advocaten, in haar kantoor aan de Keizersgracht, om meer te weten te komen over haar onorthodoxe pad naar de advocatuur, haar ervaring bij Bureau Clara Wichmann en de noodzaak van de sociale advocatuur.
Tekst en beeld: Sebastian Blom
Van jongs af aan had Claudia het beeld in haar hoofd van een advocaat die voor iemand in nood opkomt die het hard nodig heeft, al waren voor haar de precieze werkzaamheden van een raadsvrouw niet geheel duidelijk. Wat vaststond was haar drang om politiek geladen werk te doen met maatschappelijke waarde. Zo is ze al sinds de middelbare school betrokken bij maatschappelijke thema’s, vooral vrouwenrechten. Als jonge scholier vroeg ze zich af waarom jongens en meisjes andere rollen kregen toegedicht en ging zij geen discussie uit de weg om dit te bevragen en aan de kaak te stellen. Een glansrijke carrière als professioneel pleiter voor vrouwenrechten lijkt dus achteraf in haar straatje te passen.
Rechtszaal of toneel?
Toch stond Claudia bij haar studiekeuze voor een tweestrijd: de rechtszaal of het toneel? Acteren was namelijk haar andere passie. De beslissing viel pas na haar auditie voor de toneelschool. Ze ontdekte daar dat alleen acteren haar niet de voldoening gaf die ze zocht; ze wilde maatschappelijke impact maken. Ze koos voor de rechtenstudie als een strategische basis, een plek waar haar passie voor politiek en haar mondigheid samenkwamen. Tijdens de opleiding viel haar oog op het staats- en bestuursrecht; een rechtsgebied waarin haar voorliefde voor politiek en maatschappelijke betrokkenheid zou terugkomen. Tóch zocht Claudia naar iets naast haar studie dat haar in staat zou stellen meer impact te kunnen maken als rechtenstudent. Toen er een positie bij Bureau Clara Wichmann vrijkwam voor een werkstudent, wist zij wat haar te doen stond en solliciteerde ze direct, en met succes! Uit meer dan zeventig aanmeldingen werd zij gekozen. Het verging haar goed en hier had ze eindelijk haar niche te pakken. In deze platte organisatie besprak ze met een klein team zaken die er echt toe deden, wat haar interesse in de advocatuur definitief bezegelde.
Stagiaire-ondernemerschap en beroepsopleiding
Toen zij voor zichzelf had besloten advocaat te willen worden, koos Claudia voor een onorthodoxe aanpak. Ze had haar zinnen gezet om advocaat te worden en als dat enkel in haar niche kon op advocaat-stagiaire-ondernemer dan moest dat maar, een pad dat slechts een fractie van de beginnend advocaten doorloopt. Dit is dus niet het geijkte pad en ook de Orde is voorzichtig met het goedkeuren van dergelijke verzoeken. Zo verbindt de Voda meer eisen aan de stagiaire-ondernemer in vergelijking met de doorsnee stagiaire. Zo is er een vermogenstoets, om te verzekeren dat een stagiaire die niet in loondienst is, niet zonder financiële middelen aan zijn lot overgelaten wordt. Daarnaast dient de stagiaire een ondernemingsplan op te stellen voorafgaand aan de stage, dat goedgekeurd moet worden door de deken. Dat werk is Claudia niet in de koude kleren gaan zitten. Zo heeft ze in het begin stress ervaren, gelet op het feit dat advocaten die werken op basis van door de overheid gesubsidieerde bijstand, pas na het afwikkelen van een dossier door de Raad voor de Rechtsbijstand hun uren uitbetaald krijgen. De stagiaire-ondernemer leeft zijn leven dus niet van paycheck naar paycheck, maar van toevoeging naar toevoeging! “De eerste paar maanden ging ik vrij hard door mijn financiële buffer heen zonder inkomen, maar doordat ik dit zelf ook begroot had, berustte ik in de gedachte dat dit allemaal goed zou komen”. Mede door de steun van haar familie, collega’s en vrienden voelt ze zich nu meer gesterkt en zeker van haar visie: “Ik werk op een kantoor, gespecialiseerd in gendergerelateerd geweld en intieme terreur, dus veel slachtoffers weten ons te vinden, wat een stagiair natuurlijk genoeg werk oplevert.”
Binnen de Jonge Balie voelt ze zich soms een vreemde eend in de bijt. De beroepsopleiding is sterk gericht op een advocaat-stagiaire in loondienst, terwijl Claudia als ondernemer tegen heel andere zaken aanloopt. Bovendien is haar leercurve steil: “Waar de opleiding relatief laat begint over processtukken, sta ik al regelmatig in de rechtszaal. De kennis komt dan soms als mosterd na de maaltijd.” Toch blijft ze geboeid door de ervaringen van vakgenoten bij ander soort kantoren.
BOOS
Voor haar werk in het behartigen van vrouwenrechten heeft Claudia verschillende onderscheidingen in ontvangst mogen nemen, waaronder de titel van Upcoming Talent van Stichting Legal Women, sierde ze de cover van het Advocatenblad en verscheen ze ook in een recente aflevering van BOOS (van het online onderzoeksplatform van BNN/VARA) om meer te vertellen over femicide en andere vormen van intieme terreur. Op de vraag wat dit alles voor haar betekent, antwoordt Claudia dat ze het “mooi vindt dat werk met maatschappelijke impact wordt belicht.” Ze hoopt dat starters in de juridische wereld, die op zoek zijn naar een baan waarin zij iets goeds kunnen doen, hierdoor zien dat een weg als deze ook mogelijk is en geïnspireerd raken om ook daadwerkelijk te handelen naar hun idealen door gebruik te maken van hun vaardigheden en kennis.
Impact maken
Wat Claudia graag zou willen meegeven aan de lezers van het ABB is om een kijkje te nemen in de sociale advocatuur. “Dit zijn de advocaten in meest traditionele vorm en hun dagen slijten in de rechtszaal! De zaken zijn niet aan te slepen en er zijn ontzettende tekorten”. Dit merkt ze ook op haar kantoor, waar ze geregeld uit capaciteitsoverwegingen zaken moet weigeren. Het baart haar zorgen dat mensen hierdoor hun weg tot het recht niet weten te vinden. Haar advies aan beginnende advocaten? “Wees je bewust van de organisatie waarbij je je aansluit. Ga af van het gebaande pad en zoek een plek waar je wordt uitgedaagd om echt impact te maken.”
