De Robijnen Bef

In deze rubriek worden advocaten die 40 jaar in het vak zitten in het zonnetje gezet. Deze keer:

 

1. 40 jaar
Eigenlijk zit ik al 45 jaar in het vak. Ik ben in 1978 herbeëdigd na een jaar advocatuur op Curaçao. Ik heb nadien in de jaren 80 nog eens zeven jaar praktijk gedaan op Curaçao. Ik heb mij nadien op de onteigeningspraktijk gestort.

2. Waarom hebt u destijds voor de advocatuur gekozen?
De hoogleraren burgerlijk recht in Amsterdam, waar ik studeerde, waren beiden uit de advocatuur afkomstig. Hun praktijkgerichte benadering van het juridisch vak sprak mij aan. Daarnaast had ik van huis uit een voorkeur voor het vrije beroep meegekregen.

3. Welke zaak is u het meest bijgebleven?
Een onteigening voor verhoging zeewering op het voormalige eiland Wieringen. De zaak begon met een bezichtiging bij straffe noordwestenwind en schuimkoppen op het Marsdiep en eindigde een jaar later met een debat bij de Rechtbank Alkmaar over bijzondere geschiktheid van het onteigende omdat het al bijna op Deltahoogte lag.

4. Wat zijn de belangrijkste veranderingen geweest in de tijd dat u advocaat bent?
De groei van de Balie en de groei van de grote kantoren. De eerste leidende tot vermindering van de cohesie; de tweede leidende tot toename van kennis en kunde door specialisatie binnen en buiten de grote kantoren doch ook tot een overwegend bedrijfsmatige aanpak van de praktijkvoering.

5. Vindt u dat de overheid voldoende rekening houdt met het vak van de advocaat?
Het goede nieuws is dat wij nog steeds volstrekt onafhankelijk van de overheid kunnen adviseren en procederen. Zorgwekkend vind ik het gemak waarmee over inbreuken op de vertrouwelijkheid tussen advocaat en cliënt wordt gesproken.

6. Wat vindt u het leukst aan uw vak? Indien u het allemaal overnieuw zou mogen doen, zou u dan een ander beroep hebben gekozen?
Er is voor mij niet een enkel aspect. Ik doe veel deskundigenpraktijk. Dan houd ik van het zoeken naar een aanpak die tot een rechtvaardige en billijke uitkomst leidt. Het onderzoek brengt vaak met zich mee dat ik in weinig bekende uithoeken van ons land moet zijn, bij onteigenden die al heel lang om aandacht voor hun zaak vragen. Het is werk dat inspireert. Ik zou geen ander beroep willen uitoefenen.

7. Heeft u nog tips?
Vooral jonge advocaten die in hun stage veel transactie-praktijk doen zou ik aanbevelen ervoor te zorgen dat ze zich ook een tijd, meer dan minimaal voorgeschreven, bekwamen in de procespraktijk. En zoek naar zaken waarin je  de eerst verantwoordelijke binnen kantoor kunt zijn.

8. Er is veel te doen over de pensioenleeftijd: wat vindt u de ideale pensioenleeftijd voor een advocaat?
Je moet enthousiasme kunnen opbrengen voor de zaken die je behandelt. Als dat begint te ontbreken is het tijd om te stoppen.