Founders – SERVAAS Advocaten

‘De relatie moet helder en schoon zijn’

‘Ser’ betekent liefde in het Armeens, de taal van het land waar oprichter Vigen Sarkisian is geboren en deels is getogen. Het is een kenmerkend woord voor SERVAAS Advocaten, want de warmte in kantoor is voelbaar voor een buitenstaander. Met passie en trots vertelt Sarkisian over zijn weg die heeft geleid tot dit kantoor met zes collega’s.

Tekst: Annemarie Roukema en Lara Smeets

In 1993 kwam de destijds zestienjarige ­Vigen Sarkisian met zijn ouders en zusje vanuit Armenië naar Nederland. Aangekomen in een nieuw land is het geen optie voor hem om bij de pakken neer te zitten. Sarkisian heeft een groot verantwoordelijkheidsgevoel ontwikkeld, hetgeen erin resulteert dat hij via een internationale schakelklas binnen drie jaar zijn VWO afrondt en in 1998 start met zijn studie. Eigenlijk is geneeskunde zijn grote liefde, ingegeven door de fijne herinneringen die hij koestert aan het ziekenhuis waar zijn moeder in Armenië werkte en waar hij veel tijd heeft doorgebracht. Het ziekenhuis in Nederland ruikt hetzelfde als het ziekenhuis in Armenië en voelt vertrouwd. Maar helaas voor Sarkisian wordt hij uitgeloot. Een poging om in België te gaan studeren strandt eveneens, omdat hij nog geen Nederlands paspoort heeft. De keuze voor een studie valt vervolgens op rechten.

servaas-founders
Notarieel recht
Gezien dit verleden, het aan de lijve zelf ondervinden hoe het is om in afwachting te zijn van je verblijfsstatus met alle gevolgen van dien, lijkt het niet heel toevallig dat Sarkisian een advocaat is geworden met als specialisatie vreemdelingenrecht, maar toch is dit niet altijd vanzelfsprekend geweest.
Tijdens de studie ligt de focus op notarieel recht en deze opleiding wordt in 2002 succesvol afgerond. In deze periode fungeert Sarkisian als tolk voor de IND, een bijbaan die hij met veel plezier aanhield, zelfs tot vier jaar na afronding van zijn studie notarieel recht. Sarkisian gaat in 2002 aan de slag bij een notariskantoor in Noord-Holland, maar al snel komt hij erachter dat de notariële praktijk zijn hart niet sneller laat kloppen. Na twee jaar werkzaam te zijn geweest gaat Sarkisian opnieuw de collegebanken in voor een schakelprogramma Civiel recht om als advocaat aan de slag te kunnen.
Zijn advocatuurlijke loopbaan startte Sarkisian in 2004 bij Advocatenkantoor Van Driel en in 2006 zette hij die voort bij Van der Wiel advocaten. Arie van Driel is duidelijk een belangrijke persoon geweest in de start maar ook bij het vervolg van zijn carrière als advocaat. In diens praktijk raakte Sarkisian alsnog, tegen zijn eigen verwachtingen in, vol betrokken bij het vreemdelingenrecht. Hoewel het in eerste instantie zijn bedoeling was om als stagiaire-ondernemer aan de slag te gaan – hij had zelfs de goedkeuring van de Orde – kwam het aanbod om in loondienst de advocatenopleiding te volgen zeer gelegen. Hij zou zich de kneepjes van het vak in loondienst, met de bijbehorende begeleiding maar ook zekerheid, eigen kunnen maken.
Na de beroepsopleiding te hebben gevolgd onder de vleugels van Ronnie van der Wiel, startte Sarkisian in 2009 zijn eigen kantoor. Met de oprichting van een kantoor komt ook de keuze voor een naam. Een fijne herinnering aan de Sint-Servaasbasiliek in Maastricht tijdens een schooluitje leidt ertoe dat de naam Servaas, de naam van een Armeense bisschop die het Christendom naar Nederland heeft gebracht, thans op de voorgevel prijkt. Wielrenner Servais Knaven was degene die het goede gevoel bij de naam bij wielerfan Sarkisian compleet maakte. Maar de Kamer van Koophandel accepteerde de naam in beginsel niet en vroeg advies aan de namenspecialist. Sarkisian was gehouden een vlammend betoog te geven over zijn keuze voor de naam Servaas, waarna hij alsnog groen licht kreeg.

Strijdlust
Deze strijdlust in Sarkisian komt ook tot uiting in zijn dagelijkse praktijk. Zijn focus ligt op het vreemdelingenrecht (uitdrukkelijk niet asiel) en juist bij die groep cliënten kan de strijd alles of niets betekenen. Sarkisian heeft zelf ervaren hoe het is om nog geen verblijfsvergunning of Nederlands paspoort te hebben en in afwachting te zijn van het bericht of je in Nederland mag blijven of niet. Dit zorgt voor een grote betrokkenheid in zaken. ‘Dit is een doelgroep die bediend moet worden. Ik doe dit vanuit een ideologisch standpunt. Ik ben begonnen om mensen te helpen.’ Hij geeft aan dat hij zich soms meer maatschappelijk werker voelt dan advocaat, maar dat deert hem niet.

Familie
De betrokkenheid stopt niet bij Sarkisian, want het hele kantoor toont zich betrokken. Zij zijn als team al vele jaren samen en sommige zijn Sarkisian al gevolgd vanaf zijn oude kantoor. De meeste werknemers stromen tijdens hun studie al in bij het kantoor en worden zo onderdeel van de ‘familie’. Zij kiezen allemaal hun eigen pad. Zo volgt de een de beroepsopleiding advocaten en de ander de opleiding tot mediator. Er is ruimte voor persoonlijke ontwikkeling.
Sarkisian: ‘Ik heb iedereen zien groeien. Je moet het niemand kwalijk nemen als die in een andere levensfase zit. Iedereen doet het op zijn eigen manier en tempo’. Er wordt tussen de collega’s heel open met elkaar gecommuniceerd, of het nu gaat over de visie van kantoor en hoe het er financieel voorstaat tot aan privékwesties toe. ‘De relatie moet helder en schoon zijn’. Ze vertrouwen elkaar volledig en kunnen altijd rekenen op steun aan elkaar. De omgang met elkaar is heel informeel. Ze komen ook bij elkaar thuis.

Eigen taal
Deze steun wordt ook gevoeld door de cliënten. Zij worden veelal bediend in hun eigen taal. Vanwege de gemengde achtergrond van het personeel biedt Servaas Advocaten bijstand aan in vijftien talen. Dit is redelijk uniek en wordt zeer gewaardeerd. De cliënten komen overal ter wereld vandaan. Op de vraag of Sarkisian specifiek zijn medewerkers heeft geselecteerd op verschillende nationaliteiten en talen, antwoordt hij ontkennend. ‘Dat is vanzelf zo gekomen’. De variëteit van nationaliteiten lijkt daarmee zowel zakelijk als privé een grote toegevoegde waarde te hebben.

Toekomst
De toekomst ziet er wat Sarkisian betreft rooskleurig uit. Hij licht toe dat de praktijk nog steeds groeit, het gaat goed. Bescheiden voegt hij toe: ‘Ik ben dit werk niet gaan doen om er rijk van te worden. Ik wil de mensen graag helpen, daar gaat het mij om’. In de samenstelling van kantoor zal ook ongetwijfeld weer verandering optreden, en hij zal zijn collega’s geen strobreed in de weg liggen als een van hen besluit voor zichzelf te beginnen. ‘Ik heb aangegeven dat ze zich niet beperkt moeten voelen wanneer zij na het afronden van de Beroepsopleiding Advocaten voor zichzelf zouden willen beginnen. Ik heb dit zelf immers ook gedaan.’

Of er nog ruimte is voor groei van het kantoor? Jazeker, maar alles op zijn tijd.