Leven na de advocatuur – Restaurant De Zee

Wie kent ze niet? Advocaten die liever aardappels telen, handtassen ontwerpen of pizza’s bakken dan week in week uit ploeteren op processtukken. Advocaten die hun droom najagen. Lammert Miedema is een van die advocaten. Na een wandeling op Terschelling besloten hij en zijn vriendin daar een leegstaand pand te kopen om een restaurant te beginnen. Twee maanden later verruilde Miedema zijn toga voor een koksbuis.

Door Mayk Koria en Quirine van Voorst

Na het horen van het verhaal van Lammert Miedema kun je niet anders concluderen dan dat hij op Terschelling weer thuis is. Niet alleen is hij teruggekeerd naar het hoge noorden, maar heeft hij – na een leven in de advocatuur – zijn oude passie opgepakt. We spraken Miedema over zijn leven als advocaat en zijn beweegredenen om zijn toga aan de wilgen te hangen.

Miedema is opgegroeid in een horecafamilie. In de jaren vijftig begon zijn opa Hotel NAP op Terschelling te exploiteren. Als klein kind was Miedema vaak te vinden in de gangen van dat hotel. De horecacarrière van Miedema begon toen zijn vader het hotel van zijn opa overnam. Miedema deed zijn intrede als kok in het restaurant van dat hotel. Ook zijn twee broers hebben een groot deel van hun leven in de horeca gewerkt. ‘Mijn broers en ik hebben ons best gedaan om uit de horeca te blijven, maar het werkt als een magneet op ons’, aldus Miedema. Een van de broers runt momenteel het familiehotel.

Tijdens zijn dienstjaren in het hotel rondde Miedema zijn koksopleiding aan de Culinaire Vakschool te Groningen met goed gevolg af. Als gecertificeerd kok vertrok Miedema naar Amsterdam om te werken in verschillende restaurants. Daar werkte hij veelal met studenten die naast hun studie, geld verdienden in de horeca. Ondanks het feit dat Miedema veel plezier had in zijn werkzaamheden als kok, ging hij zoals veel van zijn collega’s studeren. ‘Op mijn 26e wilde ik meer en ben ik rechten gaan studeren’, legt Miedema uit. Tijdens zijn studie bleef Miedema nog wel drie dagen in de week in de horeca werken.

Toga
Zes jaar later studeerde Miedema af en werd snel daarna beëdigd als advocaat. Miedema: ‘Ik ben als zelfstandige advocaat begonnen bij het kantoor Vreeswijk & De Winter Advocaten, dat gevestigd was aan de PC Hooftstraat in Amsterdam. Tijdens mijn studie hield ik eens in de week een spreekuur bij de rechtswinkel Bijlmermeer waar ook advocaten van mijn eerste kantoor aan verbonden waren. Ik had een goede band met die advocaten en toen er een plek vrijkwam bij dat kantoor heb ik mij bij hen aangesloten. Na anderhalf jaar stapte ik over naar advocatenkantoor Donk, Breukelaar en Van Willegen in Amsterdam-Oost. Daar heb ik vier jaar gezeten. Na een zeilreis van een half jaar, heb ik een kleine twee jaar als jurist voor een detacheringsbureau gewerkt; om vervolgens weer terug te keren bij Van Doorn c.s. (zo heette mijn “oude” kantoor inmiddels) voor een periode van drie jaar. Al met al heb ik dus ruim een decennium in de advocatuur gezeten. Ik deed mijn werk met passie en had een goedlopende sociale praktijk’.

Het klinkt wat dramatisch maar het begin van het einde van zijn carrière als advocaat was de geboorte van zijn zoontje in 2004. ‘We hebben heerlijk gewoond in de Jordaan, maar we zagen de stad ontzettend veel veranderen. Het werd er constant drukker, mede doordat het toerisme begon te groeien. Ik had niet meer het gevoel dat Amsterdam mijn stad was. Tijdens de wandelingen met mijn zoontje door de stad stelde ik me regelmatig de vraag: wat doe ik nog hier? Mijn vriendin – die overigens ook op Terschelling is opgegroeid – had hetzelfde. In die periode hadden mijn vriendin en ik het er vaak over om terug te gaan naar Terschelling’, aldus Miedema. De advocatuur vond hij overigens nog wél leuk, vertelt Miedema ons. Als hij in Amsterdam was blijven wonen, zou hij advocaat zijn gebleven.

Koksbuis
Tijdens een wandeling op Terschelling in april 2006 zagen Miedema en zijn vriendin een leegstaand pand te koop staan waarin ooit een restaurant had gezeten. Een advocatenkantoor op Terschelling beginnen, leek Miedema geen goed idee. Doordat Miedema zijn oude beroep als kok oppakte, konden hij en zijn vriendin hun droom om op Terschelling te wonen waarmaken. Twee maanden nadat ze het “te koop”-bordje hadden gezien, waren Miedema en zijn vriendin de trotste eigenaren van een restaurant op Terschelling. Ze noemden het restaurant De Zee, omdat alles op het eiland te maken heeft met het water eromheen. Miedema: ‘Het was een uitdaging om ons stabiele leven in Amsterdam achter ons te laten, maar dat risico moesten wij nemen. Als ons avontuur niet uitpakte zoals wij dat in gedachten hadden, zouden we het restaurant verkopen en terugkeren naar Amsterdam. We zitten nu in ons dertiende seizoen op Terschelling en de zaken gaan uitstekend. We blijven voorlopig hier’.

‘Alles wat mijn vriendin en ik hadden, hebben we in De Zee geïnvesteerd’, aldus Miedema. De beginperiode was zwaar, zeker nu Miedema nog een lopende praktijk in Amsterdam had die hij nog moest afwikkelen. Twee dagen in de week was hij dan ook op het vasteland om cliënten te bezoeken en rechtbanken aan te doen.

De Zee
Omdat we het interview telefonisch afnemen, vragen we Miedema om het restaurant te beschrijven. Miedema vertelt dat hij enkele jaren geleden een Italiaanse steenoven heeft gebouwd, waarin hij nagenoeg alle gerechten bereidt. Het restaurant heeft binnen plek voor 25 personen en op het terras voor nog eens 12 personen. De keuken is Italiaans georiënteerd en Miedema probeert zo veel mogelijk streekproducten te gebruiken in zijn gerechten. Het lams- en rundvlees koopt hij bij een lokale slager. De rest van de producten bestelt hij bij een groothandel. ‘Het zal je verbazen maar ook hier op het eiland geldt dat als ik vóór tien uur ’s avonds producten bestel, heb ik ze de volgende ochtend in huis’, aldus Miedema. Verder gaat Miedema regelmatig het bos in om paddenstoelen en cranberries te plukken. De zeekraal die hij gebruikt in zijn gerechten vindt hij op het strand.

Miedema: ‘De sfeer in het restaurant is vrij ontspannen, mensen bestellen een fles wijn en blijven de hele avond zitten’. Dat het eten en de sfeer in het restaurant naar tevredenheid van veel van de gasten is, blijkt uit de vele goede recensies die over De Zee te vinden zijn op verschillende beoordelingssites.

Anders dan enkele jaren geleden, bezoeken toeristen Terschelling veel meer verspreid door het jaar heen. Dit is goed voor de economie van het eiland. Het horecaseizoen gaat nu elf maanden per jaar door. In het verleden werkten Miedema en zijn vriendin in de zomer vijf maanden snoeihard zodat ze de rustige periodes in de rest van het jaar konden overbruggen. Miedema: ‘Mensen komen steeds vaker uitwaaien op Terschelling. Daarnaast worden er meer evenementen georganiseerd op het eiland. Denk aan Oerol, dat jaarlijks gemiddeld vijftigduizend bezoekers kent, en de Berenloop waar ook gewoon vierduizend personen op afkomen. De tijd waarin de centjes in het hoogseizoen verdiend moesten worden, is echt voorbij!’.

Het huidige leven
Miedema vertelt ons dat het restaurant een succes is en de familie een heerlijk leven heeft op Terschelling. Als fervent watersporter begint de dag van Miedema het liefst op een windsurfplank. Miedema ervaart momenteel minder stres dan in de periode dat hij advocaat was. Miedema: ‘In Amsterdam leefden mijn gezin en ik langs elkaar heen. Hier doen we heel veel samen’. Wel vindt Miedema het runnen van een restaurant fysiek zwaarder dan het voeren van een advocatenpraktijk. Vroeg in de middag doet Miedema boodschappen en om tien uur ‘s avonds gaat hij naar huis. Het grote verschil voor Miedema is dat hij het werk als kok niet mee naar huis neemt. ‘De advocatuur gaat vierentwintig uur per dag door. Onbewust neem je altijd de problemen van je cliënten mee naar huis. Dat is mentaal zwaar’, licht Miedema toe.

Op de vraag of hij terugverlangt naar de advocatuur antwoordt Miedema ons dat hij niet meer met goed fatsoen terug zou kunnen. ‘In de afgelopen twaalf jaar is er onwijs veel veranderd in de rechtsgebieden waar ik me mee bezig hield en de advocatuur an sich. Die veranderingen heb ik niet bijgehouden’, aldus Miedema. De ervaring die hij heeft opgedaan in de advocatuur, gebruikt hij wel eens om conflicten te vermijden. Zo bevestigt hij regelmatig mondelinge afspraken met leveranciers en gasten die met een grote groep willen komen eten. De advocatuur is dus niet helemaal uit zijn lichaam verdwenen. Miedema bespeurt opluchting aan de andere kant van de lijn, en lacht.

We sluiten niet uit dat het mooie weer er iets mee te maken heeft, maar wat Miedema over zijn ‘nieuwe’ leven vertelt, is ronduit jaloersmakend. Mochten we ooit uitwaaien op Terschelling, dan lijkt ons een bezoek aan het restaurant van Miedema zeker de moeite waard.